Jeroen de Keyser - vertaler van Jay McInerney, De laatste vrijgezel

Jeroen de Keyser, vertaler

Jeroen de Keyser: 'Je kunt iemand met een zuidelijk Amerikaans taalgebruik niet echt Vlaams laten praten'

Jay McInerney, De laatste vrijgezel

Hoe is De laatste vrijgezel op je pad gekomen?


Hij is me voorgesteld door de uitgever (de Bezige Bij), en ik heb meteen toegehapt: ik had al een paar boeken van Jay McInerney gelezen, en ben in het algemeen erg geïnteresseerd in hedendaagse Amerikaanse literatuur.




Heb je voor De laatste vrijgezel research gedaan?


Afgezien van opzoekwerk over de concrete vertaalproblemen en realia in de verhalen, heb ik vooral zo veel mogelijk over de auteur gelezen: biografische informatie, recensies van eerder werk, interviews. Met hemzelf heb ik nog geen contact gehad, maar binnenkort komt dat er misschien toch nog van, want Jay McInerney is op 21 en 22 november 2009 te gast op het Crossing Border festival in Den Haag en Antwerpen.




Hoe weet je of de vertaling waaraan je werkt (tot zover) goed is?


Inmiddels is de vertaling in druk, maar ik heb het voorrecht gehad tijdens mijn vertaalwerk te profiteren van het kritisch meelezende oog van Gerda Baardman, een uitstekende literaire vertaalster met heel wat ervaring. Daar steek je toch behoorlijk wat van op, en ik weet zeker dat het de vertaling ook ten goede is gekomen. Twee weten altijd meer dan één, en Gerda heeft met name heel veel ervaring met contemporaine Amerikaanse literatuur.




Welk verhaal uit De laatste vrijgezel was het uitdagendst om te vertalen?


In het algemeen moet je toch altijd weer compromissen sluiten als de auteur personages opvoert die met een specifiek etnisch accent of in een bepaald (regionaal, sociaal) register spreken. Je kunt iemand met een zuidelijk Amerikaans taalgebruik niet echt Vlaams laten praten… En van broken English kun je ook niet veel bewaren, want de hele setting blijft natuurlijk wel Amerikaans.




Heb je bij het vertalen voor een bepaald uitgangspunt gekozen?


Eerlijk gezegd probeer ik altijd zo onbevooroordeeld mogelijk te werk te gaan. “Vertalen wat er staat, zoals het er staat,” weet je wel. In dit geval betekent het dat je probeert de wat wrange, droge maar heel gevatte stijl van Jay McInerney in het Nederlands te behouden, zonder dat het al te zeer als vertaald Engels overkomt, terwijl je de sfeer en achtergrond van het verhaal toch niet geforceerd ‘ontamerikaanst’ mag vernederlandsen, vind ik.




Zou je een verhaal uit De laatste vrijgezel een buitenbeentje noemen?


Niet echt, en daar is ook een goede verklaring voor: de vertaalde bundel bevat twintig verhalen, maar in de recentste Amerikaanse uitgave van de collected stories waren er wat meer opgenomen, terwijl een jaar of twee geleden een Britse editie verscheen die dan weer veel minder bevatte. Wij zitten daar dus ergens tussenin, en hebben een eigen keuze gemaakt. Een paar van die in de Nederlandse editie niet opgenomen verhalen zijn (in overleg tussen auteur, uitgever en vertaler) precies weggelaten omdat ze, zo vonden wij, de sfeer van het boek enigszins doorbraken. Daardoor krijg je nu een behoorlijk homogene verzameling van de sterkste korte verhalen van McInerney, die zich allemaal (grotendeels) in New York afspelen, en een mooi beeld van diverse facetten van de stad laten zien, van lowlife tot high society.



Lees meer over De laatste vrijgezel.


ShortStory.nu, omdat korte verhalen geweldig zijn